Blondie met saffraan en sinaasappel
Een warme, boterige blondie met de bloemige geur van saffraan en kardemom en een frisse toets sinaasappel. Zacht van binnen, met een dun goudbruin korstje erop.

Bereiding
Zeven stappen, en de saffraan even laten wellen is het geheim achter de kleur en geur.
Verwarm de oven voor op 200 °C (boven- en onderwarmte). Bekleed een vorm van 20 × 20 cm met bakpapier.
Laat de saffraandraadjes wellen in een kommetje met een eetlepel kokend heet water. Laat dit minstens 5 tot 10 minuten staan (hoe langer, hoe beter). Smelt ondertussen de boter in een pannetje.
Doe de gesmolten boter en de basterdsuiker in een kom en mix goed door elkaar (een keukenmachine met bisschopshaak werkt fijn). Roer daarna de eieren er één voor één doorheen tot ze volledig zijn opgenomen. Voeg ook de gewelde saffraan met het weekwater toe.
Voeg de tarwebloem, kardemom en het zout toe en mix tot alles is opgenomen. Meng als laatste de sinaasappelrasp door het beslag.
Giet het beslag in de beklede vorm en verdeel het gelijkmatig.
Bak de blondie in 25–30 minuten gaar: de bovenkant heeft een dun krokant laagje en een prikker komt er schoon uit.
Laat de blondie volledig afkoelen voordat je hem in stukjes snijdt, zodat hij goed kan opstijven.